in ,

‘Haar baan in de zorg was haar alles, maar kostte Ciska (62) het leven’

Nog iedere dag overlijden Nederlanders door het coronavirus. Al maandenlang portretteert RTL Nieuws in deze serie mensen achter de coronacijfers.

We laten nabestaanden aan het woord over hun geliefden. Deze keer een eerbetoon aan Ciska van Heumen (62) uit Rotterdam.

Haar man (en grote liefde) Frans:
“Toen in 1999 de kinderen de deur uit gingen, besloot mijn vrouw weer wat voor zichzelf te gaan doen. Ze wilde de verpleging in, en toen ze daarvoor ging studeren bleek dat ze er ook nog eens verschrikkelijk goed in was. Ze behaalde meerdere diploma’s, wat was ik trots op haar.

Ze had haar roeping echt gevonden en inmiddels werkte ze al bijna twintig jaar als zorgmedewerker bij zorginstelling Laurens in Rotterdam. Ze zag het nooit als werk, het was haar leven.

Maar dat haar werk haar het leven zou kosten, had ze nooit verwacht…”

“Ciska deed echt alles voor de bewoners waar ze werkte. Als mensen geen geld hadden, maar wel zin in een lekkere haring, nam ze die voor hen mee. Eén keer in de week trakteerde ze sowieso op iets lekkers, zoals een rolmops voor bij de koffie.

En als Ciska ziek was, ging ze alsnog naar haar werk. ‘Nee, ik kan niet thuisblijven, ze hebben me nodig’, zei ze dan. Ze wilde haar bewoners en collega’s nooit in de steek laten.

Zo ook niet toen ze zich 7 november niet lekker voelde. De volgende dag zou ze weer naar het werk moeten, maar ik vertrouwde het niet. Daarom belde ik zelf naar haar chef om te vertellen dat Ciska niet kon komen.

We vroegen een test aan en 9 november kwam de uitslag: besmet met corona.” ‘Natuurlijk droeg Ciska altijd beschermingsmiddelen, dat was de hoogste prioriteit van het verzorgingshuis.’

“We hadden al snel door hoe het kon dat ze besmet was geraakt. De echtgenoot van één van Ciska’s bewoners bleek het virus bij zich te dragen.

Dat had die persoon nog niet door toen hij langskwam in de zorginstelling. Helaas heeft hij toen zijn vrouw besmet, waarna ook Ciska besmet raakte tijdens de verzorging.

Natuurlijk droeg Ciska altijd beschermingsmiddelen, dat was ook de hoogste prioriteit van het verzorgingshuis.

Ik heb daar zelfs nog een uitgebreid gesprek over gevoerd met de chef van Ciska toen corona voor het eerst in Nederland was opgedoken.

Ik was namelijk erg bezorgd dat ze besmet zou raken, omdat ze ook COPD had. Maar na dat gesprek was ik ervan overtuigd dat ze bij Laurens hun uiterste best zouden doen om hun personeelsleden te beschermen.

Dat hebben ze ook gedaan, maar helaas raakte Ciska toch besmet.”

“We gingen samen in quarantaine, want ik bleek het virus inmiddels ook bij me te dragen. De eerste dagen kwamen we met hangen en wurgen door, maar toen Ciska op vrijdag 13 november uit bed ging om even naar het toilet te gaan, viel ze flauw. Ik heb haar opgeraapt, waarna ze gelukkig weer een beetje bijkwam.

Toen de ambulance aankwam had de ambulancebroeder geen goed nieuws. Het zuurstofgehalte in Ciska haar bloed was nog maar 77 procent.

Ze werd daarom in het Ikazia ziekenhuis in Rotterdam aan het zuurstof gelegd. Omdat ik ook besmet was, mocht ik daar niet bij zijn.

Helaas ging het al snel slechter met haar en moest ze worden overgebracht naar de intensive care. In Rotterdam was geen plek, dus werd ze naar Zoetermeer gebracht.

Lees ook  18 Transformaties van vrouwen die in echte koninginnen veranderen

Ze stond erop dat we nog even zouden videobellen voordat ze in coma zou worden gebracht, gelukkig heb ik haar daarom nog even kunnen zien.

Ik huilde aan een stuk door, het was erg emotioneel. ‘Het komt goed’, zei ze tegen me. ‘Niet huilen.’ Toen hebben ze haar in slaap gebracht.”

“Na een week was ook in Zoetermeer geen plek meer voor Ciska, waardoor ze weer werd overgeplaatst.

Dit keer naar Goes. Omdat het daar steeds slechter ging, vroegen zij het Erasmus MC om hulp, die haar weer naar Rotterdam hebben gebracht.

Ik mocht al die tijd niet bij haar zijn, omdat ik een longontsteking had opgelopen door het coronavirus.

Ze wilden mij eigenlijk ook opnemen in het ziekenhuis, maar ik heb dat geweigerd. Ik moest en zou snel beter worden om naar mijn vrouw te kunnen.

Na weken van ziekte en veel coronatesten later, bleek ik eindelijk negatief te testen. Toen ik haar voor het eerst weer zag, was ik erg emotioneel. Ze lag nog steeds in coma en ik kon alleen maar huilen.”

‘Alle keren dat ik bij haar langs ben gegaan, wilde ze altijd eerst een kusje en even kroelen.’
“Een week later probeerden ze Ciska met medicatie weer wakker te maken. Waar dat bij velen binnen een dag gebeurde, duurde dat bij Ciska meer dan een week.

Toen ik daarna bij haar op bezoek wilde gaan, hield een verpleegkundige me tegen. ‘Schrik niet, Ciska is bij’, zei ze.

Maar ik schrok toch, ze zag er zo slecht uit na al die weken. Gelukkig begreep ze me wel, hoorde ze mij, herkende ze mij.

Ze kon vanwege de buis in haar mond niet met me praten, maar door haar schouders op te halen communiceerden we met elkaar.

En alle keren dat ik daarna bij haar langs ben gegaan, wilde ze altijd eerst een kusje en even kroelen.

In die periode dat ze bij was, hebben de artsen er alles aan proberen te doen om Ciska beter te maken. Haar longen waren echter ernstig beschadigd en ze had steeds meer zuurstof nodig.

Vanaf het moment dat Ciska echt doorhad wat er aan de hand was, zei ze: ‘Frans, ik ga dood.’ Ik heb altijd geprobeerd om hoop te houden. ‘We komen er wel’, zei ik dan.

Maar helaas kreeg ze niet veel later een delier en een ernstige longontsteking. Ze kon haast geen adem meer halen, een longtransplantatie zou ze daarnaast niet overleven, corona had alles kapot gemaakt.”

‘Ze was op, ze lag al elf weken op de intensive care, ze kon niet meer.’ “Mijn twee zoons en ik kregen een heel moeilijk gesprek met de artsen, waar ook Ciska bij aanwezig was.

Er werd besproken dat ze zou komen te overlijden, waarna ze tegen mij zei: ‘Ik ga naar mijn vader, laat me maar gaan.’ We hebben besloten om haar niet langer te laten lijden, waar ze het helemaal mee eens was.

Ze was op, ze lag al elf weken op de intensive care, ze kon niet meer. Wat ben ik blij dat ik nog wel even met haar heb kunnen praten, vlak voordat ze zou gaan. Ik vroeg wat ze nog wilde, wat haar wensen waren. Ik vertelde dat ik haar zo zou gaan missen.

Lees ook  Ik kocht een speeltje voor mijn vriendin en nu wil ze niet meer krikken met mij

En zij zei: ‘Ik bewaar wel een mooi plekje voor je in de hemel hoor.'” ‘Ze vonden het zo moeilijk dat er een zorgmedewerker zou komen te overlijden.’

“Een dag voor haar overlijden hebben we nog een afscheid in het ziekenhuis kunnen regelen. Ciska was al wel in slaap, maar elk half uur mochten er drie mensen langskomen. Ik merkte dat de verpleegkundigen en artsen in het ziekenhuis daar veel moeite voor deden.

Ze vonden het zo moeilijk dat er een zorgmedewerker zou komen te overlijden, iedere keer zeiden ze het weer: ‘Kom op zeg, dit is een collega van ons, hoe kan dit nou.’

Op vrijdag 22 januari is mijn lieve vrouw, zorgmedewerker in hart en nieren, een fantastische moeder, een superoma, die net 62 jaar oud was, overleden aan de gevolgen van het coronavirus.”

“Op het werk waren ze helemaal kapot van het overlijden van Ciska. Toen de rouwstoet langs het verzorgingshuis reed, stonden er 150 mensen buiten voor een laatste erehaag. Bewoners huilden, medewerkers klapten, iedereen had bloemen bij zich.

De videobeelden die daarvan zijn gemaakt, kan ik nog steeds niet bekijken, ik vind het allemaal nog te verdrietig. Dat ik mijn meisje, mijn maatje, mijn steun en toeverlaat kwijt ben, kan ik namelijk nog steeds niet geloven.”

‘We waren 12 en 13 jaar toen ik haar vroeg of ze met mij een relatie wilde.’ “Ciska en ik waren al ons hele leven samen, we waren 12 en 13 jaar toen ik haar vroeg of ze met mij een relatie wilde.

Eigenlijk zag ze mij niet zo zitten, maar ik zei: ‘Als je verkering met me neemt, dan krijg je een mars.’ Dat vond ze wel lekker, dus vanaf dat moment is het altijd aan geweest.

We werden verliefd, zijn heel vroeg getrouwd, kregen jong kindjes samen en waren verschrikkelijk blij met ons leven. Nooit zijn we ongelukkig geweest, of hebben we ruzie gemaakt. Dat kon ook niet, want Ciska was zo lief en zorgzaam.

Vooral ook voor haar kleinkinderen, die waren haar alles. Daar kwam ik zelfs niet tussen. De dag voordat ze ziek werd, heeft ze nog met haar oudste kleindochter een nieuwe vloer uitgekozen voor onze woonkamer.

En voor haar verjaardag hadden we samen nog nieuwe meubels gekocht. Volgende maand wordt het allemaal bezorgd…”

“De kinderen en kleinkinderen missen hun moeder en oma enorm. En ik, ik zie het heel af en toe gewoon niet meer zitten.

Dan denk ik: wat doe ik hier eigenlijk nog? We waren áltijd samen, hadden nog zo veel plannen voor de toekomst, het is ons allemaal ontnomen door corona. En wat is het moeilijk om nu zonder haar door te moeten.

Het ergste wat ik mis, is die arm om mij heen. En dat er ’s avonds in bed niemand meer is die me welterusten wenst, daarna een kus geeft, even kroelt en zegt: ‘Ik hou van je.’

Die leegte zal nooit meer weggaan, daar ben ik van overtuigd. Gelukkig hebben we nog twee hondjes, ik heb Ciska in ons laatste gesprek beloofd dat ik daar goed voor zou zorgen. Ik hoop dat dat me de komende tijd op de been zal houden.

En ik hoop ook, mede door dit allemaal te vertellen, dat Ciska niet zomaar vergeten zal worden. Ik zal haar in ieder geval nooit vergeten.”

Marco Borsato: ‘Tot over m’n oren verliefd op deze vrouw’

Zo zorg je dat een uitgebloeide orchidee weer bloemen krijgt